Aktueel

Jarenlang wilde Willem Verf niets weten van een Nederlandse versie van een door hem geschreven boek. Maar… de vele positieve reacties op zijn jongste korte roman waren voor zijn uitgever en hemzelf aanleiding om nu ook een Nederlandse editie te publiceren. In de boekenweek van maart 2026 verschijnt ‘Ein Bratkartoffelverhältnis/Liefde in oorlogstijd’.

U/jij bent van harte welkom op de presentatie op zaterdag 21 maart, zie onderstaande uitnodiging:

MAAR DAT IS NIET ALLES

Een week eerder, op zaterdagochtend 14 maart om 10.30 uur wordt Willem in de Primera-winkel van de Conradi Veenlandstraat in Damwâld  publiekelijk geïnterviewd door Rynk Bosma, collumnist van het Nieuwsblad van Noordoost-Friesland. Kom langs en maak het live mee! De Primera heeft de exclusieve VOORVERKOOP van het nieuwe boek – en wie wil, kan haar of zijn gekochte exemplaar laten signeren.  Uiteraard is voor de liefhebber ook de Friestalige editie gewoon te koop. Het interview wordt tijdens de boekenweek gepubliceerd in de krant.

Waarom is dit een bijzonder boek?

De Afûk geeft zelden of nooit Nederlandstalige fictie uit. Uitgever en neerlandicus Ernst Bruinsma van de Afûk motiveert deze uitzondering als volgt:

Oorlog

De eerste jaren na de tweede wereldoorlog is er in de Nederlandse literatuur vooral een scherp onderscheid tussen goed en fout.

Daar komen al snel barstjes in: Vestdijk Pastorale 43, Walschap Zwart en Wit, Hermans Donkere kamer van Damocles – diverse romans waarin in toenemende mate de thema’s schuld en verantwoordelijkheid de boventoon voeren.

Ook verschijnen er veel dagboeken en meer kroniekachtige boeken over verzet en Jodenvervolging. 

Anders dan in de poëzie, waar de oorlog voor veel experimenten zorgt, blijft de roman redelijk gangbaar van vorm. Een echte uitzondering is misschien het latere werk van Ivo Michiels die lang als ‘aangebrand auteur’ werd gezien maar zijn oorlogstrauma’s literair op eclatante wijze verwerkte. 

Over het dagelijks leven, over de Jodenvervolging en de concentratiekampen, over het verzet, over helden en schlemielen zijn vele boeken geschreven.

En toch is Willem Verf erin geslaagd iets nieuws aan deze belangwekkende reeks boeken toe te voegen. Hij heeft een grotendeels autobiografisch boek geschreven over een vader en een moeder die elkaar tijdens de oorlog in Duitsland hebben ontmoet en verliefd op elkaar werden. Los van elke ideologische scherpslijperij, zonder daarin in elk geval de noodzaak te voelen keuzes te maken of te oordelen, vertelt hij hun verhaal dat uiteindelijk ook zijn eigen verhaal zou kleuren, richting geven.  Hij doet dat in een hele sobere stijl waardoor hij alle ruimte geeft aan zijn lezers. Een middel dat meer schrijvers van zijn generatie hebben toegepast als het om de emotionele gevolgen van de oorlog gaat, maar zeker ook literaire grootheden als Andreas Burnier of Marga Minco. Ik zal hier en nu dit boek niet verder positioneren, dat is aan de lezers, maar tot slot getuigen van mijn bewondering voor het boek dat me overtuigd en eerlijk gezegd ook ontroerd heeft. Misschien vergis ik me, maar dit zou wel eens het magnum opus van Willem Verf kunnen zijn. Het is en was in elk geval een boek dat hij moést schrijven.